• Fleur van der Put

De marathonloper en de bronzen medaille

De marathonloper, zo word jij gekscherend genoemd door je werpmaatjes. Je lichaam heeft inderdaad meer weg van een marathonloper: lang en dun. Je kan zoveel eten als je wilt maar je komt niet aan. Helaas ben je te lang voor een marathonloper en moet je een andere specialiteit kiezen binnen de atletiekonderdelen. Gelukkig heb je het talent voor en plezier in discuswerpen, want anders hadden wij elkaar waarschijnlijk nooit ontmoet. Gister won je brons op het NK, een topprestatie maar niet veel mensen weten van hoe ver je bent gekomen om dat te bereiken.

Het is 2012, nog zes jaar voordat wij elkaar ontmoeten, wanneer je na een competitiewedstrijd in elkaar stort. Waar je ’s ochtends nog een PR met kogel wist te stoten is het in de middag klaar en discus wordt niks. De volgende ochtend laat je je bloed testen en uit de uitslag kwam de ziekte van pfeiffer. Dat lijkt makkelijk te herstellen, heel veel mensen krijgen het immers. Alleen jij hebt pech en krijgt een van de zwaarste versies die er zijn. In plaats van weken kun je maanden helemaal niets. Als het eindelijk wat beter lijkt te gaan na een jaar stort je weer in. Wat je toen nog niet wist: maar het was waarschijnlijk een fysieke burnout.

Door de pfeiffer is je lichaam zo uitgeput dat vijf minuten rechtop zitten al te veel energie kost. Je wil wel beter worden, maar het wil niet lukken. Energie is niks en je kunt ook verder niks. Je komt bij fysio Bert en osteopaat Bram terecht die weer wat “leven” in je fysiek krijgen én je komt erachter dat je niet goed tegen vet eten kan. En ook niet tegen suiker, uien, paprika, scherp voedsel en eigenlijk alles wat moeilijk verteerbaar is. Er blijft weinig over, zeker voor iemand die ook nog eens heel veel eten nodig heeft. Langzaamaan kun je weer in je eigen bedrijf werken.

Iedere pauze slapen op de bank zorgt ervoor dat je het volhoudt en toch maak je in de loop der jaren langzaam stapjes voor uit. Je mag gaan wandelen van Bram, maar dat verandert al vrij snel in hardlopen. Je leert dat actief zijn je beter laat voelen en dat je het ook écht nodig hebt. Een dag waarop jij weinig doet is een dag waarop je je eigenlijk alleen maar moeier gaat voelen, niet echt prettig. Je dieet komt onder controle en je leert nog altijd wat je wel of niet kunt eten. Je mag langzaam wat krachttraining gaan doen en binnen no-time word je sterker.

En dan begint het te kriebelen. Jarenlang is het je niet gelukt. Het bedrijf ging voor en je gezondheid had er geen ruimte voor. Je kan al zoveel meer dan een paar jaar terug toen je niet eens vijf minuten onder de douche kon staan, maar je wilt toch kijken of er nog wat te halen valt. Je bent eigenwijs en koppig, eigenschappen die niet altijd even handig zijn, maar in het bereiken van je doelen heel nuttig schijnen te zijn. Die 49,53m die je wierp voordat je ziek werd zat nog altijd in je hoofd én die NK-medaille had je ook al lang en breed moeten kunnen halen. Als je niet ziek werd. Altijd maar die als.

Je ging je steeds weer wat beter voelen en besloot te gaan werpen. Het gaf je zoveel voldoening en weer een doel om naar toe te werken. Je energie verbeterde zodanig dat je zelfs ging dromen van een leuk meisje. Je ging op zoek en vond mij. Met een smoes over het versturen van een discustechniek-filmpje kwam je aan mijn nummer en hoe het daarna verging weten we allemaal. Al vanaf het moment dat ik je ken heb je het over het werpen van die magische 50 en het behalen van een NK-medaille. Het zit er in, dat zie ik al vrij snel nadat we af en toe samen gingen trainen. Vlak voordat je mij hebt ontmoet heb je zelfs een 48m genoteerd.

Vorig jaar wilde je heel graag het NK halen. Je deed je best, maar door de grote verbouwing van ons huis die we samen deden kwam je niet aan trainen toe. Als “marathonloper” deed je toch mee en boven ieders verassing behaalde je de finale. Ik was toen al zo enorm trots, ook omdat ik weet hoe belangrijk het voor je is. Je was er blij mee, maar het was niet voldoende. 2020 zou het jaar worden voor ons. Je was druk bezig met de toekomstplannen voor het bedrijf, we zouden gaan trouwen én een NK-medaille kon er dan ook wel bij in dat top jaar.

Maar toen kwam corona. Net als iedereen hebben we er gigantisch last van gehad. We hielden (en houden uiteraard) ons netjes aan de maatregelen. We weten niet zeker of jij risicogroep bent, maar wat we wel weten is dat als jij medicatie moet krijgen het linke soep kan worden, want dat is ook een van die dingetjes waar je niet zo lekker op gaat. De toekomstplannen voor het bedrijf werden stopgezet, we moesten onze bruiloft uitstellen en het voelde alsof alles tegen zat. Maar je had opeens ook weer iets meer tijd die je anders niet had gehad.

Van de club mocht je krachtspullen lenen om later je eigen spullen aan te schaffen en werpen op het land behoorde ook tot de mogelijkheden. Vol enthousiasme stortte je je op een eigen “trainingskamp” thuis terwijl de Spartaan gesloten was. Nico, jouw en inmiddels ook mijn trainer, kwam naar ons toe om op gepaste afstand jou aanwijzingen te geven. Zodra de club weer open ging waren we er veel te vinden, jij vooral. Je werd sterker, je wil werd sterker en het NK ging tóch door.

Ik vroeg aan jou wat je liever had: de magische grens van 50 meter of een bronzen NK-medaille. Je wilde uiteraard het liefst allebei, maar die NK-medaille dat zou echt fantastisch zijn. We deden veel wedstrijden in dit seizoen waarbij we rekening hielden met de maatregelen. Het was fantastisch om samen heel Nederland door te rijden voor wedstrijden en onze hobby samen intensief te beleven. Mijn doel voor dit jaar was jou helpen je dromen te bereiken, ik klaagde niet als je extra wilde trainen en je naast je werk daar druk mee bezig was. Ik ging zelf soms mee en hervond mijn liefde voor het werpen terug.

Je stond vierde op de ranglijst dus het NK zou spannend worden. Ik mocht mee als je coach, wat niet makkelijk was, maar jij had mij nodig daar. De hele week bouwde de spanning zich op en toen de nummer drie op de lijst zich afmeldde de avond van tevoren werd het wel heel spannend. Nummer 1 en 2 waren duidelijk, die moesten de strijd samen uitvechten. De derde plek kwam open voor vrijwel iedereen. De wind was beroerd, het was nat, de ring was niet gunstig dus degene met de meest stabiele worp zou kans maken op brons.

Ik ben nog nooit zo zenuwachtig geweest voor een atletiekwedstrijd. Zelfs niet voor al mijn eigen wedstrijden, en ik ben me toch nerveus geweest. Ik deed mijn best niets aan je te laten merken maar toen jij eenmaal in het veld stond kon ik amper op mijn benen staan van de spanning. Ik wilde je helpen, ik wilde dat jij zou winnen. Je eerste twee worpen waren niet spannend. De derde wel maar werd afgekeurd. Zonde. Bij de vierde worp die over de 45m ging wist ik het eigenlijk al. De omstandigheden waren echt moeilijk en van de andere atleten was ik ook nog niet echt onder de indruk. En natuurlijk: er hoeft er maar een tussen te zitten die vliegt.

Toen de laatste persoon moest werpen die jou nog voorbij kon hield ik het niet. Ik heb nog nooit iets zo spannend gevonden als die ene worp. Ik weet namelijk hoe slecht je bent geweest en hoe ontzettend knap het is dat je hier nu staat. De discus vliegt door de lucht maar ik zie gelijk al dat het niet verder is, voordat de discus is geland. Jij bent derde. Het liefst klim ik over het hek, maar dat is ook niet helemaal passend als coach. Gelukkig kom je snel naar mij toe en kan ik je feliciteren. Ik ben zo trots op jou dat ik zelf ook even niet weet waar ik het laten moet. Nu is het de dag erna en jij ligt nog te slapen. Ik was al vroeg wakker en besloot achter mijn laptop te kruipen en te slapen. Voordat ik naar beneden ging heb ik nog even naar je gekeken. Je ligt nog lekker ontspannen met de medaille op je nachtkastje en ik ontplof van trotsheid. Ik hou van jou.

1 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven
 
  • Instagram

©2020 door Fleurise. Met trots gemaakt met Wix.com